Home

We hebben het wel vaker warm gehad op vakantie, maar dit jaar is natuurlijk extreem met deze ongekende canicule (hittegolf) in Frankrijk. Bovendien is er een extra dimensie bijgekomen: mijn eigen privé-hittegolven! De overgang, worst timing ever! Wie heeft dát stupide fenomeen in hemelsnaam uitgevonden? En waarom heeft niemand even een fatsoenlijke oplossing bedacht voor dit malafide staaltje lichaamslogica? Over zesjescultuur gesproken: ik geef het nog geen drie.

En dan dat brein van mij: compleet in de war van een paar hormoonschommelingen en als reactie besluit mijn interne thermostaat doodleuk nóg hoger te draaien. Serieus, lichaam, ik vroeg om “standje briesje” en jij kiest “standje oven”.

Ondertussen probeer ik midden in deze hittegolf de thermometer naar beneden te krijgen. De airco in de vouwwagen die trekt het nét niet 😂 dus mijn enige ontsnappingsroutes zijn:

  1. De zee induiken, al is die inmiddels 29 graden, dus het voelt meer als een warm en zoute bouillon. 
  2. Het zwembad in, waar ik gratis chloorinhalatie krijg terwijl bommetjes me om de oren vliegen.

“Dan ga je toch naar het adult-zwembad?” Nee. Daar liggen alle gepensioneerde campingbewoners, volledig gerimpeld en gelukkig tussen de jetstralers. Zodra ik ook maar iets te enthousiast het water in glijd, kijken ze me aan alsof ik hun pacemaker heb ontregeld. Na één minuut verveel ik me er al en begin ik te overwegen om gewoon een bommetje te maken in de adults only.

En dan de nachten… waarom móét ik wakker worden van mijn eigen hersenen? Alsjeblieft, brein: rond die oververhitte klus gewoon af zonder mij wakker te maken. De 27 graden in de nacht helpt ook niet echt, ook al ventileren we onze vouwwagen maximaal. In principe slapen we gewoon buiten, dus een sauna met ritsen. Mijn bed voelt halverwege de nacht als een slow cooker, nog even en ik serveer mezelf medium rare.

Waarom nu? Waarom precies tijdens mijn eerste vakantie vol in de overgang? Het enige voordeel: mijn glimmende, bezwete voorhoofd valt niet op. Iedereen ziet eruit als een verwelkte cactus die een marathon heeft gelopen.

En dat terwijl ik eindelijk, na 1000 gespast te hebben, eindelijk 2 leuke bikini’s had gescoord. Helaas komt een knalrode kop met druipend haar (dat ik om de vijf minuten nat maak voor een soort koelhelm-effect) niet helemaal overeen met het plaatje in mijn hoofd. Waarom ontwerpt trouwens niemand een bikini speciaal voor vrouwen in mijn toestand? Iets tussen ‘touwtje’ en ‘zwembroek tot onder de oksels’ in – en graag met ingebouwde airco.

Zelfs mijn zorgvuldig bij elkaar geshopte, alles verhullende én flatterende strandjurkjes redden het niet. Veel te warm. Dus verstand op nul, schaamte in de prullenbak en gewoon in bikini rondlopen. Inmiddels ken ik de precieze route over de camping waarbij ik de minste spiegels passeer.

Begrijp me goed, ik klaag niet hoor, ik geniet écht wel…Maar ik had graag iets blauwere temperaturen gezien, passend bij de stralend blauwe lucht… en bij mijn meisjesnaam: Blauw. Misschien is dat de oplossing: bij elke opvlieger gewoon denken: “blauw, blauw, blauw… kou, kou, kou.” En als dat niet werkt, ga ik gewoon in het vriesvak van de campingwinkel liggen naast de ijslolly’s.😂

Tot slot, ik verbaas me er sowieso over hoe andere mensen wél tegen deze hitte lijken te kunnen. Terwijl ik dit blog typ, gehuld in een natte handdoek onder de parasol, met de hulp van de zeebries probeer ik een soort doe-het-zelf-airco na te bootsen, komt er doodleuk iemand voorbij… hardlopend. Hardlopend! In 37 graden.

En dan is er de vrouw vijf meter verderop: ze ligt te zonnen alsof ze auditie doet voor een glossy. Geen druppel zweet, haar perfect geföhnd, make-up zelfs niet uitgelopen. Het lijkt wel alsof ik door Instagram-filter kijk.  Een groter contrast met mij bestaat er niet. Nog even en ik geef licht als een vuurtoren, zo rood en verhit als ik erbij lig, ik ben net een verlepte rode biet. Ergens doe ik iets fout, maar ik vermoed dat de oplossing geen potje waterproof mascara is. 😉

Nb

Deze vakantieblogs tik ik op mijn telefoon, zonder back-upplan. Tik- en andere foutjes zijn dus onvermijdelijk.