Home

Freubelen is óók vakantie 😉

Normaal gesproken begint mijn vakantie met de naaimachine.

Nog even een hemdje innemen dat nét niet goed zit.
Nieuwe gordijntjes maken.
Een tas bekleden.
Een douchetas maken.

Ik vind dat heerlijk.

De vouwwagen was dan ook helemaal in stijl.

Rood-wit-blauw.

En als ik zeg helemaal, dan bedoel ik ook echt helemaal.

Tot en met de strandtas en de parasol.

Alles klopte.

Nu hebben we een caravan.

En die is van een totaal andere orde.

Beige.
Bruin.
Taupe.
Licht hout.

Met een klein accentje oranje.

Bijna retro, als ik het zo opschrijf.

Maar ach… dat past ook prima.

En een klein lichtblauw accentje kan er natuurlijk óók nog wel bij.

Dan past mijn perfect bijpassende babyblauwe Senseo er tenminste weer bij.

Je moet tenslotte wel consequent blijven.

Helaas gooide het ziek zijn in de week voor de vakantie mijn hele freubelplanning overhoop.

Daarvoor was ik al veel te druk met andere dingen en daarna lag ik vooral snotterend en proestend in bed.

Maar ja…

Ik wilde wel iets doen.

Dus lag ik vanuit bed driftig te zoeken.

Als ik nou niet alles kan aanpakken, dan in ieder geval de strandspullen.

Die moeten natuurlijk ook een beetje matchen als ze naast de caravan staan.

Je zou kunnen denken:

Mens, waar maak je je druk om?

Nou.

Daar maak ik me dus druk om.

Een nieuw boodschappenkarretje?

Check.

Leuke koeltasjes in de juiste kleur?

Check.

En terwijl ik nog half snotterend door huis liep, werd er thuis een enorme doos bezorgd.

Mijn hart maakte een vreugdesprongetje.

Dat doet een zieke vrouw goed.

En helemaal toen ik zag dat de kleur precies goed was.

Ik kon niet wachten om aan de slag te gaan.

Zodra de koorts weg was:

schaar erbij.

Want aan zo’n boodschappenkarretje met zo’n boodschappenzak heb ik op het strand natuurlijk helemaal niets.

Ik moet er tenslotte ook zittend bij kunnen. 😂

Dus knippen, passen, meten…

En ja hoor.

Het werkt.

Het past precies zoals ik had bedacht.

Als een kind zo blij.

Maar toen was ik er natuurlijk nog niet.

Want er zat me nog iets niet lekker.

De caravan heeft een mooie luifel.

Strak.

Netjes.

Praktisch.

Maar…

ik mis iets.

Ik wil geen complete tent meer met meters tentdoek.

Maar alleen die luifel uitdraaien en eronder gaan zitten vind ik ook wel héél netjes.

Ik zoek iets ertussenin.

Een beetje gezellig.

Een beetje kneuterig.

Mijn man ziet me natuurlijk alweer aankomen.

“Hebben we eindelijk een nette caravan, komt ze weer aan met lappen stof.”

Precies.

Maar na lang zoeken, swipen en nog een keer zoeken vond ik het.

Driehoekjes!

Je kunt ze in allerlei leuke formaties aan de luifel bevestigen.

Ik zag het meteen voor me.

Een beetje stof.

Een beetje kleur.

Een beetje vrolijkheid.

Precies genoeg kneuterigheid.

En dan het licht.

Er zit natuurlijk verlichting op zo’n caravan.

Maar man, man…

Dat is geen gezellig licht.

Dat is “er staat een reddingsoperatie op het punt te beginnen”-licht.

Ik wil gewoon lampjes.

Van die gezellige lampjes waardoor je ’s avonds onder de luifel zit en denkt:

Ja. Dit is vakantie.

Dus ook daar vinden we wel weer een oplossing voor.

Waar een haakje zit, kan een lampje hangen.

En waar geen haakje zit…

maken we er wel eentje.

Langzaam begint de caravan steeds meer van mij te worden.

Of eigenlijk:

van ons.

Het zijn maar kleine dingen.

Een zelfgemaakt strandkarretje.

Een paar leuke koeltasjes.

Een gezellige zijflap.

Lampjes.

Een babyblauwe Senseo.

Niks wereldschokkends.

Maar ik word er dus echt blij van.

Misschien is dat ook wel een beetje camperen.

Niet alleen met je caravan ergens neerzetten en klaar.

Maar er langzaam je eigen plekje van maken.

Een beetje freubelen.

Een beetje aanpassen.

Een beetje kneuteren.

En dan op je stoel gaan zitten, ernaar kijken en denken:

Kijk nou.

Langzaam wordt het steeds meer mijn…

euhhh… óns caravannetje. 🤭